'Werkbezoek raadsleden stad Groningen aan Overstag Uitvoering'

19 januari 2015

Op donderdag 15 januari bezochten gemeenteraadsleden van de gemeente Groningen Overstag Uitvoering. Raadsleden van de SP, PVDA, ChristenUnie, GroenLinks, D66 en de Stadspartij waren vertegenwoordigd. Centraal tijdens dit werkbezoek stonden een kennismaking en verduidelijking van de manier waarop Overstag Uitvoering werkt met probleemjongeren.

Het werkbezoek begon met een PowerPoint presentatie over Overstag. Deze  werd gegeven door Klaas Steenhuis, adviseur van Overstag en voormalig wethouder van Veendam. Bij deze presentatie waren de managers van Lentis en Elker aanwezig. Zij vertelden over de goede samenwerking die zij als hoofdaannemers hebben met Overstag ten aanzien van de woonprojecten en individuele begeleiding van de jongeren. Daarnaast waren de wijkagenten van de Hoornsemeerwijk bij de presentatie, zij vertelden over hun samenwerkingen met Overstag, die zij als zeer positief ervaren. 

Na de presentatie zijn de raadsleden begeleid naar de verschillende projecten van Overstag. Waaronder het schaftkeetproject in de wijk Helpman, dit is een samenwerkingsproject met de gemeente Groningen en is gericht op de activering en dagbesteding van de jongeren. Daarna is er een bezoek gebracht aan één van de woonprojecten van Overstag in het Hoornsemeer, waar een aantal jongeren van Overstag en Elker wonen. Als laatste is er een bezoek gebracht aan het groepssporttraject. Hier konden de raadsleden zien hoe de jongeren één keer in de week aan het sporten zijn in groepsverband, sporten is een uitlaatklep voor de jongeren, ook leren ze op deze wijze om te gaan met regels en discipline. 

Door de inbreng van de verschillende partijen, door de werkbezoeken aan meerdere projecten en de gesprekken met jagers, medewerkers en de jongeren van Overstag, hebben de raadsleden een goed beeld kunnen krijgen van Overstag Uitvoering. Ook hebben ze een beeld gekregen van de wijze waarop Overstag op verschillende onderdelen met verschillende partijen samenwerkt.  
Hieronder volgen enkele reacties van de raadsleden op het werkbezoek:

- Raadslid voor Groen Links, Kris van der Veen:

Wat is uw beeld van Overstag en de manier van werken, na het werkbezoek?
‘Ik was zwaar onder de indruk van het werkbezoek. Ik vond het te gek. Dat Overstag dwars door alle systemen en organisaties gaat om jongeren weer een perspectief te bieden. In de gemeenteraad praten we natuurlijk al lange tijd over de transitie, over minder bureaucratisch werken en dat we vinden dat  hulpverleners meer mandaat moeten krijgen en cliënten hun stem moeten kunnen laten horen. Dit alles zag ik terug bij Overstag. Overstag is dan ook een mooi voorbeeld hoe het er uit kan komen te zien. Ik heb na het werkbezoek nog meer het idee de transitie in de jeugdzorg gewenst is.’

Wat is uw beeld van de jongeren na het werkbezoek?
‘Ik heb een heel positief beeld over Overstag. Het gaat om een kwetsbare groep jongeren, het raakt me dat zoveel ouders en verzorgenden eigenlijk niet de tools en handvaten hebben om een veilige omgeving te bieden aan hun kinderen. Dit lijkt soms van kwaad tot erger te gaan totdat niemand meer naar ze om kijkt. En het lijkt alsof niemand meer een verschil kan maken in de levens van deze jongeren. De put van drugs/alcohol, verslaving, geen vaste woon/verblijfplaats en geen perspectief is dan wel heel diep. Het is bemoedigend om te zien dat Overstag de helft van de jongeren wél weer een vertrouwen weet te geven en jongeren gemotiveerd aan hun toekomst kunnen en willen werken.’

Wat vindt u de meerwaarde van Overstag en haar partners?
‘Overstag is de schakel tussen de rits aan organisaties waar een jongere mee te maken kan hebben. Een jongere kan te maken hebben met verslavingsproblemen, psychische problemen, of een verstandelijke beperking; en daaraan gekoppeld allerlei verschillende organisaties. Overstag is er dan om dit spoor bij te sturen, jongeren bij de les te houden en ervoor te zorgen dat er geen hiaten vallen. Overstag kan tussen deze verschillende organisaties het zicht houden op de jongeren en zo zorgen dat er perspectief is. Overstag fungeert dan ook als een soort ouder figuur. Dit is echt een meerwaarde van Overstag. Het is een organisatie die betrokken is, dit is mooi om te zien’

Wat vindt u van Overstag in de samenwerking?
‘Ik hoor veel lof van partnerorganisaties over Overstag. Wat mij opvalt is met name het handelen vanuit de geest van de wet en niet volgens de letter van de wet. Dat betekent ook dat je je kop af en toe boven het maaiveld uitsteekt en je niet zomaar neerlegt bij beleid, bepaalde regels of hoe dingen zijn georganiseerd. Dat vraagt lef, en het is mooi om te zien dat Overstag voor deze doelgroep, die soms overal buiten lijken te vallen, op de bres gaat.’

- Raadslid voor D66, Koosje van Doesen:

Wat is uw beeld van Overstag en de manier van werken, na het werkbezoek?
‘Dit beeld is heel praktisch en heel handelingsgericht. Het past heel erg bij de intuïtieve manier waarop Geert Spieker daar mee om gaat. De aanpak werkt goed, ik zie Geert er zelf heel goed in terug. Ik heb respect voor de manier waarop het ingezet wordt. Het is zo breed, het vangt een grote groep op. Dit wist ik niet voor het werkbezoek. Overstag is heel duidelijk naar de jongeren toe. De grenzen zijn aangegeven, Overstag vat de jongeren in de kraag. Het zijn van die dingen die eigenlijk nergens anders gedaan worden.’ 

Wat is uw beeld van de jongeren na het werkbezoek?
‘De jongeren kende ik wel, het beeld dat ik heb, is dat de jongeren zwaar problematisch zijn en niet in een 9 tot 5 aanpak passen, van maandag tot vrijdag. Er moet altijd bovenop gezeten worden. De problemen van de jongeren doen zich niet alleen voor tussen 9 en 5.’

Wat vindt u de meerwaarde van Overstag en haar partners?
‘Ik denk dat de meerwaarde van Overstag zit in het feit dat Overstag geen negen tot vijf cultuur heeft en dan toch adequater kan inspelen op bepaalde situaties dan anderen, bijvoorbeeld bij een escalering, of een crisis. Bij Overstag geldt: minder praten en meer doen.’ 

Wat vindt u van Overstag in de samenwerking?
‘Ik vind dat Overstag onbetwijfelbaar een voorbeeld is van hoe instellingen zouden horen samen te werken. Het gaat niet om het belang van de instelling, het gaat om het belang van de klant, om die te dienen.’ 

- Raadslid voor de Christen Unie, Inge Jongman:

Wat is uw beeld van Overstag en de manier van werken, na het werkbezoek?
‘We waren in gesprek met de jongeren van Overstag en die waren ook heel erg open. Ze staan gewoon ineens hun levensverhaal te vertellen, voor een groep mensen die ze niet kennen, daar heb ik groot respect voor. Ik denk dat het hem inderdaad zit in de methode die Overstag hanteert. Ik weet dat die methode voor 50% wel werkt en voor 50% niet, even heel globaal. Voor die 50% voor wie het wel werkt, zie ik dan dat die ontzettend gebaat zijn bij deze aanpak. Ja is Ja en Nee is Nee, anders krijg je een maatregel. De jongeren zijn dan al ontzettend veel in zorg geweest en dit is dan de juiste aanpak. Hier moeten we dan alleen maar heel blij mee zijn, want anders kan een jongere letterlijk verpieteren of verergeren, of hij sluit zich af, of hij stort zich volop op het foute leven. Daarom denk ik ook echt dat het een mooie methodiek is die gehanteerd wordt. Ik heb het idee dat ik, doordat ik de documentaire over Overstag bij het programma De Vijfde Dag op de televisie  heb gezien, al een goed beeld had van Overstag.  Maar het is toch prettig dat bij het werkbezoek Geert zelf, de begeleiders, iemand van Elker, iemand van Lentis en de politie aanwezig waren. Zo wordt mijn beeld toch nog even wat breder. Ik heb de jongeren natuurlijk ook zelf gesproken, dat vond ik heel mooi, leuk en open. Het beeld werd bevestigd en versterkt. Even laten zien waar je als organisatie voor staat en waar je voor gaat.’ 

Wat is uw beeld van de jongeren na het werkbezoek?
‘Ik zie dan één jongen en die zei: ik ben mishandeld vroeger en ik had geen eigenwaarde, dus ik zag de foute dingen. En ik mocht ook alles thuis, tot ik Geert tegen kwam en Geert nam hem letterlijk als een soort vaderfiguur onder de arm. Geert zei tegen deze jongere: Je moet ook aan jezelf werken en denken aan je toekomst en bedenken wat je nou wil. Deze jongere was helemaal gelukkig dat hij er uit gehaald was. Dat hij met zijn kindje en vriendin een nieuw leven aan het opbouwen is, dan denk ik van: Ja, hartstikke mooi.’ 

Wat vindt u de meerwaarde van Overstag en haar partners?
‘Dit heeft ook een beetje te maken met hoe het achter de schermen werkt, niet elke jongere zal natuurlijk geholpen zijn bij Overstag. Maar als het dan wel werkt, probeert Overstag het ook anders te regelen. In een samenwerking tussen de verschillende instanties. De ene keer is dat VNN, de volgende keer is dat Elker of Lentis en de volgende keer is dat weer NOVO. Die meerwaarde vormt zich doordat Overstag het op een andere manier aanpakt dan dat het regulier zou gaan. Ik denk dat de meerwaarde zit in dat het bijvoorbeeld voor deze ene jongere nodig is dat hij rustig op een kamer zit, of überhaupt een kamer heeft, en de volgende jongere moet juist de volgende dag bij de sport staan, omdat hij even zijn energie kwijt moet en de derde jongere moet aan het werk bij de schaftkeet. Er wordt gekeken wat nodig is, het gaat een beetje door de muurtjes heen. Dat zie ik als meerwaarde. Lentis zei zelf ook: je moet natuurlijk altijd wennen aan elkaar als iets nieuw is en zei letterlijk: wij vinden het heel mooi dat Geert het compleet anders aangepakt heeft, wij zien nu ook de toegevoegde waarde, alleen Lentis is ook gebonden aan regels. Dus wat Lentis altijd niet mag van de “regels”, dat Overstag hier dan even dwars door heen sjeest, en dat dit vervolgens dan wel iets oplevert.’ 

Wat vindt u van Overstag in de samenwerking?
‘Ik vind Overstag een voorbeeld van hoe Jeugdzorg ook anders kan. Dan is het natuurlijk niet zo dat iedereen het zo moet doen, maar het is wel mooi dat de gedachten breder gaan er dat er iemand dwars door het systeem heen walst. Dit kan hele mooie dingen opleveren.’

- Raadslid voor D66, Wieke Paulusma:

Wat is uw beeld van Overstag en de manier van werken, na het werkbezoek?
‘Positief. Ik denk dat Overstag al anders is gaan nadenken over de zorg voordat de zorg werd gedecentraliseerd. Overstag was al bezig om het op een kleinschalige manier te organiseren: minder volgens protocol en veel meer op basis van gezond verstand. Dat spreekt mij enorm aan. Ik denk dit een methode is die heel goed werkt. Je houdt de lijntjes kort. Veel grote zorgaanbieders werken toch wel erg op basis van protocollen en richtlijnen. Natuurlijk wordt er bij jullie ook overlegd en onderling afgestemd. Maar ik heb wél de indruk dat bij Overstag meer op basis van gezond verstand wordt gewerkt. Daar zijn we volgens mij hard aan toe: een meer kleinschalige zorg. Dat doet de cliënten goed. En als ik mag afgaan op wat ik vandaag heb gezien, draagt het ook bij aan het werkplezier van de medewerkers. Dat vond ik goed om te zien.’

Wat is uw beeld van de jongeren na het werkbezoek?
‘Ik denk dat Overstag de jongeren krijgt die niet passen in een gestandaardiseerd zorgaanbod en daardoor bij veel grote zorginstellingen tussen wal en schip vallen. Bij Overstag kunnen ze wél terecht en krijgen ze zorg op maat. Ik denk dat we in de zorg sowieso meer die kant op moeten. Want de jongeren die bij Overstag terecht komen zijn denk ik maar het topje van de ijsberg. Er zijn veel meer jongeren die met een standaardaanbod niet of niet genoeg geholpen worden. Juist ook de jongeren die nog niet zo ernstig in de problemen zitten dat ze nu bij Overstag terecht komen. Door ook die ‘lichte’ groep tijdig de juiste zorg te bieden kunnen we denk ik veel leed helpen voorkómen.’

Wat vindt u de meerwaarde van Overstag en haar partners?
‘Overstag doet echt wat anders dan Elker en Lentis/GGZ. Iets wat er in Groningen nog niet was. En dat is volgens mij een hele goede aanvulling op het bestaande aanbod.’

Wat vindt u van Overstag in de samenwerking?
‘De grote zorginstellingen die we in Nederland in het leven hebben geroepen zijn volgens regels en richtlijnen gaan werken die deels wel nut hebben, maar die ook afleiden van waar het eigenlijk in de zorg om draait: individuele mensen, in al hun verscheidenheid. Ik spreek dagelijks inwoners van deze stad die zeggen: ‘Ik wil niet op een wachtlijst, ik wil geen wisselende hulpverleners en ik wil niet dat mijn kind medicijnen krijgt. Ik wil dat hij gewoon hulpverlening krijgt.’ De gebruikers van zorg weten steeds beter wat ze willen. Ze worden kritischer, en terecht. Daarnaast denk ik dat ook professionals veel meer plezier uit hun werk halen als ze veel meer zelf kunnen bepalen wat ook goed is in het werk. Kleine organisaties lenen zich daar bij uitstek goed voor.’